Veganistisch eten om de planeet te redden. Een rampzalig eenzijdige boodschap.

Wie veganistisch of vegetarisch eet ontkomt er niet aan om supplementen in te nemen. Dat roept de vraag op hoe realistisch de claim is dat deze eetwijze gezond zou zijn. Waar komen overigens dan die supplementen weer vandaan en hoeveel energie kost dat en wie kan deze supplementen betalen? We zijn in een experimentele fase van de menselijke geschiedenis gekomen waarin we afscheid lijken te willen nemen van traditionele eetgewoontes maar er geen duidelijkheid wordt verschaft over de mogelijke schadelijke effecten op gezondheid en de socio-economische nadelen voor mensen die niet over geld of intelligentie beschikken om die te kopen c.q. te doorzien wat de mogelijke nadelen van zo’n aanpassing zijn. We duwen met pure propaganda een jonge generatie in een richting waarin ze gaan geloven dat het nieuwe eten goed voor mens en planeet is.”The great plant-based con” van Jayne Buxton biedt veel aanknopingspunten om zelf zeer kritisch naar deze nieuwe richtlijnen te kijken.

Vooral jonge kinderen en pubers lopen in de nieuwe ontwikkeling het risico tekorten op te bouwen van essentiële bouwstoffen zoals B12, ijzer, vitamine A en D, DHA of alternatieven te gaan eten die schadelijk zijn zoals teveel soja-melk of alternatieve melk waarin niets waardevols zit of men nog een aantal ingrediënten aan toevoegt.De tekorten die op jonge leeftijd worden opgebouwd ondermijnen het gestel (mineralen in de bot-structuur) en de hersenen ook op langere termijn. Niemand weet hoe dat precies uitpakt en als deze weg eenmaal is gekozen zullen de effecten op langere termijn onder het kopje ‘nieuwe welvaartsziekten’ gerubriceerd worden. Wie iedereen een dwingende kant opstuurt kan nooit meer een vergelijkend onderzoek met andere eetgewoontes uitvoeren en heeft zo het gelijk aan zijn kant.

Nog afgezien van de de tekorten die jongeren opbouwen ,of de schadelijkheid van stoffen die ze binnen krijgen via soja producten, is het een gegeven dat eten geen vanzelfsprekend iets meer is maar een essentieel onderdeel van het leven is geworden waar je geacht wordt over na te denken. Op jonge leeftijd moet je een onmogelijke puzzel oplossen, want waar vind je de informatie en de tijd om je er in te verdiepen? Hoe sterk is de invloed van propaganda op social media of de dwingende omgeving op school waarin het normaal gevonden wordt dat je minder of geen vleesproducten meer eet? De stress die deze puzzel oplevert vreet energie en misschien wel levensvreugde. Overigens moet niet onderschat worden dat het dieet ook van binnenuit effect heeft op de mentale, lees psychische, gesteldheid van een generatie. Een ongebalanceerd dieet kan zelfs tot psychiatrische stoornissen leiden.

De omschakeling die via een agenda, dwingend dus, wordt opgelegd kent veel gedweeë en niet kritische volgers. Wie is in staat deze nog tegen te spreken? Wie kan nog vasthouden aan zijn eigen keuzes als de missie is om vleesproducten duur te maken? Er wordt een veld gecreëerd waarin vrij denken op dit onderwerp systematisch onderdrukt wordt.

Een punt van aandacht is dat deze ontwikkeling tot zeer grootschalige verbouwing van plantaardige gewassen leidt. Die zullen, veelal ook gemodificeerd, in een op hoge opbrengst gerichte wijze, verbouwd worden. We weten uit de veeteelt dat de ‘standaard melkkoe’ meer melk dan ooit levert. De nieuwe gewassen zullen eenvormig zijn en de bio-diverse lokale varianten elimineren of een marginale plaats geven. Grootschaligheid levert dominante partijen op die de hele keten zullen beheersen. Is dat goed voor de mens , de planeet en de onderlinge verhoudingen? 

Het eten van planten kan voor ons aangenaam klinken, de plant zelf kan daar heel anders over ‘denken”. Zij produceren diverse stoffen om hun vijand, de mens dus ook, te ontmoedigen. Die kant van het verhaal geeft ook reden tot zorg. Bij inname van te grote hoeveelheden groentes kunnen juist die stoffen negatief uitwerken.

Wie wel eens een vleesvervanger at zal zich net als ik verbaasd hebben over de talloze ingrediënten. Wie aan de hand van het boek kritisch naar deze lijst kijkt zal ontdekken dat het hier om een ‘highly processed food” gaat. Dat is zo in tegenspraak met het idee dat veganistisch eten goed zou zijn. 

Het meest taaie aspect is dat het nieuwe eten in eerste instantie bij de meeste mensen in de euforie (bij de club horen en gezond bezig denken te zijn) alleen maar positieve effecten lijkt te hebben. Maar afhankelijk van je startpositie, slecht of zeer goed eten, kan je op korte of langere termijn de effecten van de tekorten gaan bemerken. En wie is dan in staat te onderkennen dat het te maken kan hebben met het gevolgde dieet? Als de buitenwereld zo dwingend met elkaar gelooft dat het goede voeding is zal er wellicht geen alarmbel rinkelen.

In het publiek domein roepen allerlei extreme groeperingen dat de mensheid een apocalyptische tijd tegemoet gaat. Het zijn deze extreme partijen die juist die apocalyps zelf vorm geven. Wie een eenzijdige boodschap met geweld doordrukt heeft per definitie de nuance uit het oog verloren. De pendule moet met dwang een andere kant op bewegen zonder te willen en kunnen zien wat de nadelen zijn. Ideologie verblindt. En na lezing van het boek van Jan Buxton rest je niets anders dan op je eigen kompas te gaan varen en je vooral niet te conformeren aan de nieuwe richtlijnen om plantaardig te gaan eten voor je eigen gezondheid c.q. het goede doen voor onze planeet.